Ervaringen
en inzichten uit Zwitserland ter aanmoediging van de directe democratie in de
toekomst

door
Andreas Gross
De
schrijver (geb.
Inleiding
Ik
zou het begrip Directe democratie als vaste uitdrukking
willen gebruiken en daarom het bijvoeglijk naamwoord met een hoofdletter schrijven.
Daarmee wil ik het geheel van referenda, petities, volksinitiatieven en volksstemmingen
aanduiden, waarmee burgeressen en burgers op eigen initiatief en volgens hun in
de grondwet verankerd recht ook tussen de verkiezingen hun politieke soevereiniteit
tot uitdrukking te brengen en zo het vertegenwoordigend stelsel aanvullen. Wanneer
ik de zo opgevatte Directe democratie ook op deze wijze schrijf, pleit ik bewust
en beslist tegen de in Duitsland helaas al te verbreide gelijkstelling met plebiscieten of zelfs, alsof dat überhaupt zou kunnen bestaan, met
plebiscitaire democratie. Daaronder worden
buiten Duitsland autocratische door presidenten en/of regeringen uitgeschreven
volksraadplegingen met een vaak suggestieve vraagstelling verstaan. Zij vormen
echter geen bijdrage aan de democratisering van de democratie, zoals de directe
democratie die nastreeft. Zij dienen er meer toe om een in de regel autoritair
politiek regime een bijzondere legitimiteit te verschaffen. Wanneer in de taal
echter voor het juiste de historisch belaste, feitelijk onjuiste en tot vele misverstanden
aanleiding gevende uitdrukking gebruikt wordt, dan heeft het juiste het nog moeilijker
als het juiste herkend te worden en zich ook politiek door te zetten. In zulke
gevallen is het daarom de moeite waard om ook op het niveau van de taal voor het
juiste begrip te strijden.
In een Duits verzamelwerk over Directe democratie vinden
we een verhelderende uitleg over Zwitserland. Gezien de beperkte ruimte moet ik
me hier tot de hoofdzaken beperken. Uiteindelijk wordt de Directe democratie in
Zwitserland al sinds 130 jaar op alle 3 niveaus van de tot op heden buitengewoon
federalistische staat[1]
in de praktijk gebracht. Dit resulteert in de federatie, in de 20 volledige en
6 halfkantons en ook in enige duizende grote gemeentes met uitgebouwde initiatief-
en referendumsystemen samen jaarlijks in meer dan 200 eedgenootschappelijke, kantonale
en communale volksstemmingen. Daaraan nemen de ongeveer 4 miljoen stem- en kiesgerechtigde
Zwitserse vrouwen en mannen vanzelfsprekend in verschillende mate – al naar gelang
hun politieke cultuur in de verschillende regio’s – deel.
Met het oog op dit brede terrein kan ik hier slechts accenten
leggen en zelfs daarbinnen moet ik keuzes maken. Zo wordt de levendige transatlantische
driehoeksverhouding tussen de Verenigde Staten, Frankrijk en Zwitserland van 1650
tot 1914 die het begrip van de Directe democratie schiep en die aan de basis van
de meeste vormen staat slechts in het kort geschetst. Ook op de toenmalige elitaire
zelfopvatting van de net zo revolutionairen toen in Europa uniek succesvolle liberale
burgerij van Zwitserland van 1830 tot 1850 waartegen de Democratische beweging
uit de 1860er en 1870er jaren de Directe democratie moest bevechten en uiteindelijk
tot en met het einde van de 19e eeuw federatiebreed door kon zetten,
evenals op de hervormingsdebatten van de laatste jaren kan ik helaas niet nader
ingaan.
Over de geschiedenis van de Directe
democratie
Twee
van de drie belangrijkste elementen van de Directe democratie zijn niet van Zwitserse
oorsprong. Het referendum over de grondwet
is een kind van de New England-staten uit de 17e en 18e
eeuw: de eerste moderne grondwet die direct door het volk bekrachtigd werd was
de Fundamental Orders of Connecticut
in
De
grondwetten van de genoemde oudste federatieve staten in de Verenigde Staten zagen
hun herziening ook middels een referendum geschieden evenals de revolutionaire
Franse grondwet van februari 1793 welke op doorslaggevende wijze door wiskundige,
pedagoog en democratisch revolutionair Condorcet werd beïnvloed. Condorcet komt
ook de eer toe om als eerste in “zijn” grondwet van 1793 het grondwets- en wetsinitiatief
te hebben verankerd.
De Democratische beweging
Zowel
in Zwitserland (vanaf 1860) als in de Verenigde Staten moesten de direct-democratische
rechten door volksbewegingen die zich in de parlementen te weinig vertegenwoordigd
voelden, bevochten worden. De Directe democratie was dus een gevolg van de crisis
van de parlementaire democratie. De strijd rechtte zich tegen de elitaire opvatting
van democratie van de leidende liberale politici uit de 19e eeuw, zoals
bijvoorbeeld de bankier, president van een spoorwegmaatschappij en parlementariër
Alfred Escher. Tot de dragers van de oppositionele volksbewegingen in de kantons
behoorden vooral boeren, handwerkslieden, arbeiders en intellectuelen waarvan
de belangen in het parlement verwaarloosd werden.
In
het jaar 1848 werden in de eerste door de liberalen geformuleerde grondwet in
Zwitserland het bindend referendum over
de grondwet evenals de mogelijkheid van een totale herziening van de federale
grondwet verankerd. Hiervoor waren de handtekeningen van 20% van de stemgerechtigden
nodig.
Net
zoals in de federatie heerste ook in het kanton Zürich in de eerste jaren na 1848
vooral de Liberale Partij. Zij bouwde een “systeem” op, zoals dat werd genoemd,
dat zich kenmerkte door een sterke (belangen)verstrengeling en machtsconcentratie
van de bevoorrechten. Daartegen formeerde zich vanaf 1867-1869 de Democratische Beweging, een brede oppositionele volksbeweging die
een herziening van de grondwet en invoering van meer rechten voor het volk en
talrijke sociale hervormingen eiste. Friedrich Albert Lange (1828-1875) die in
het Rijnland als democraat mislukte, maar die als redacteur bij de Winterthurer
Landboten een van de leidende ideologen
van de Democratische Beweging en ook een van de eerste theoretici van de Directe
democratie, later als neokantiaan ook korte tijd hoogleraar in Marburg was, becommentarieerde
op 20 april
Zij moet “tot de belangrijkste regelingen op het gebied van de nieuwere staatsinrichtingen
gerekend worden. Zij is één woord de eerste consequente poging om het idee van
de zuivere volksmacht op een met de moderne culturele verhoudingen overeenkomende
manier in te voeren en de eerwaardige maar logge (….) Landsgemeinde
door een systeem te vervangen waarvan de hoeksteen de stembus in de gemeenten
is (….)
Een bijzonder diepe ontstemming over het bot aan de dag tredende tekort van
het vertegenwoordigend stelsel, een grote mate van politiek zelfbewustzijn in
het volk, het fundament van een uitstekende volkschool, de oorsprong en de veelbelovende
brokstukken van het nieuwe stelsel [….] – dat alles moest bij elkaar komen.”
“Zürich” betekende zowel bekroning als het begin van verdere herzieningen
van de grondwetten in andere kantons die uiteindelijk ook tot invoering van het
raadgevend referendum in de geheel herziene
federale grondwet van 1874 leidde.
De tweede direct-democratische eis van de Democratische Beweging om via een
volksinitiatief nieuwe thema’s in te
kunnen brengen, in plaats van slechts te reageren
werd vooralsnog op het niveau van de federatie wegens federalistische beperkingen
niet overwogen. In 1891 werd het initiatiefrecht echter toch opgenomen in de Zwitserse
grondwet, maar bleef tot vandaag toe beperkt tot verandereingen in de grondwet.
De Directe democratie
in Zwitserland: data en ervaringen
De praktijk van de Directe democratie was zeer veelsoortig. Ze heeft ook het
Zwitserse regeringssysteem beslissend en duurzaam veranderd, waarop hier niet
kan worden ingegaan. In de 80er jaren vonden jaarlijks gemiddeld twee tot drie
bindende referenda over de grondwet plaats; ongeveer 70% van de voorstellen werd
aangenomen. Daarbij kwam ongeveer één raadgevend referendum; hiervan bedroeg het
succespercentage 50%. Met een raadgevend referendum dreigen niet zelden groepen
om hun onderhandelingsmacht in het wetgevingsproces te vergroten; zij bereiken
daarmee een vroegtijdige integratie in het politieke proces. In de 90er jaren
werd het referendum ook door kleinere en progressieve groepen meer benut.
Sinds 1891 tot heden (1 juni 1999) werden in Zwitserland 245 volksinitiatieven
gelanceerd en ingediend. Daarvan hebben 128 (52%) het tot een stemming gebracht;
ongeveer een derde werd in de loop van de parlementaire discussies teruggetrokken,
22 lopen er nog. Slechts 12 initiatieven waren succesvol, dat wil zeggen vonden
een meerderheid onder het volk en de kantons. Daarmee bedraagt de absolute
succesratio ongeveer 10%.
Het relatieve succes van een volksinitiatief
laat zich niet slechts aan het stemresultaat afmeten. De indirecte gevolgen van
een volksinitiatief worden daarmee nog niet voldoende recht gedaan. Wie initiatieven
vraagt, bronnen onderzoekt en het politieke veld analyseert wordt duidelijk dat
ongeveer de helft van alle initiatiefnemers van volksinitiatieven van mening zijn
dat ze met hun direct-democratische betrokkenheid iets bereikt hebben wat de moeite
wel waard was en zonder gebruik van de volksrechten niet bereikt had kunnen worden.
Een evaluatie van de data van alle 200 volksinitiatieven tot 1994 toont wat
de spreiding in de tijd betreft, dat de Deirecte democratie sinds 1979 een enorme
vlucht heeft genomen en in de laatste jaren vaker dan ooit gebruikt werd. Van
1978 tot 1998 zijn er drie keer zoveel volksinitiatieven op touw gezet en ingediend
als in de 80 jaar ervoor!
De volksinitiatieven zijn met een seismograaf vergelijkbaar, die laat zien
hoe het met de politieke bodem gesteld is: in de 20er en 30er jaren werden de
initiatiefdebatten, als gevolg van de sociale en economische crises, beheerst
door voorstellen aangaande sociale en economische hervormingen. Na 1945 illustreerden
de thema’s van de volksinitiatieven de sociaalpolitieke achterstand. In het begin
der 70er jaren zag je als in een spiegel de opkomende vreemdelingvijandige tendensen
van de maatschappij, ietwat later de toenemende gevoeligheid van de Zwitserse
bevolking voor het milieu. Sommige thema’s zijn dank zij een volksinitiatief vroeger,
breder en diepgaander bediscussieerd als in een zuiver parlementair systeem mogelijk
was geweest. Vandaag de dag dankt Zwitserland haar pionierswerk op het terrein
van milieu, verkeerspolitiek, economische politiek en politiek inzake verdovende
middelen duidelijk aan haar volksrechten.
Niet alleen kwalitatief en kwantitatief spiegelen de volksinitiatieven thema’s
en spanningen van de tijd. Ook de verantwoordelijkheden veranderden: werden de
eerste 100 volksinitiatieven vooral door partijen en Initiatiefcomités gelanceerd,
na 1970 werden die overgenomen door grotere en kleinere organisaties als ook echte
volksbewegingen deze rol. En domineerden in de eerste 40 jaar van de geschiedenis
van de Zwitserse volksinitiatieven door progressieve en burgerlijke krachten gelijkelijk
na de oorlog en vooral vanaf 1968 duidelijk linkse en groene hervormers het toneel.
Zij willen niet alleen zaken veranderen, maar het volksinitiatief beantwoordt
ook aan hun mensbeeld en de hervormingsmethoden die daaruit voortvloeien: mensen
moeten de hervormingen dragen als ze gerealiseerd moeten worden en dan loont het
de moeite om zo mogelijk vroeg en op het juiste moment overredingsarbeid te verrichten.
Een vruchtbaarder middel dan het volksinitiatief zal zich voor hen in de komende
jaren nauwelijks aanbieden. Van oudsher hebben echter ook nationale en nationaal-conservatieve
groepen, partijen en bewegingen van de volksrechten – thans opnieuw in gelijke
mate door referenda en volksinitiatieven – gebruik gemaakt.
In 1998 en de eerste helft van 1999 kwamen in Zwitserland 6 initiatieven tot
een stemming. Zij zijn illustratief voor de grote variëteit aan thema’s binnen
de Directe democratie. Alle initiatieven werden verworpen. De opkomst lag tussen
de 37 en 51,2%.
| datum | Thema van het initiatief | neestemmers |
| 07.06.1998 |
“Voor de bescherming van het leven tegen genmanipulatie” (genbeschermingsinitatief) |
66,6% |
| 07.06.1998 |
“Zwitserland zonder geheime politie” (burgerrechten-initiatief) |
75,1% |
| 27.09.1998 |
“Voor goedkope voedingsmiddelen en ecologische boerderijen” (initiatief
van de kleine boeren) |
77,0% |
| 27.09.1998 |
“Voor de 10.AHV-herziening zonder
verhoging van de pensioengerechtigde leeftijd” (vakbondsinitiatief) |
58,5% |
| 29.11.1998 |
“Voor een verstandige politiek t.a.v. drugs” (DroLeg-initiatief, legalisering van consumptie van alle verdovende
middelen) |
73,9% |
| 07.02.1999 |
“Wooneigendom voor iedereen” (Verbond van huiseigenaren en burgerpolitici) |
58,7% |
Opkomstpercentages
Het gemiddelde opkomstpercentage bij volksbesluiten ligt net boven de 50%
waarbij deze sterk van het thema afhangt en daarmee de gemiddelde opkomst bij
verkiezingen echter sinds ongeveer 20 jaar overtreft. De grootste opkomst was
80%, toen in 1992 gestemd werd over de toetreding van Zwitserland tot de Europese
Economische Gemeenschap werd gestemd en bijna 80 % toen in 1989 over de afschaffing
van het leger werd gestemd. Overigens hoeft een lage opkomst geen teken van vervreemding
te zijn, het kan ook een uitdrukking van politieke wijsheid zijn. Vele Zwitsers
gaan dan alleen maar naar de stembus wanneer ze menen goed geïnformeerd te zijn
en ervan overtuigd zijn dat zich een betrouwbare opinie gevormd te hebben.
Gevolgen voor het Zwitserse regeringsstelsel
Directe democratie betekent voor het regeringsstelsel vooral, dat
·
de soevereiniteit
in Zwitserland minder gedelegeerd en meer door de burgers zelfs uitgeoefend wordt.
·
de politiek
daarom geen monopolie van de politici en de partijen is, de maatschappij zich
duidelijker een politieke uitdrukking kan verschaffen en naar behoefte het “laatste
woord” kan hebben. Daardoor is de afstand tussen regeerders en geregeerden kleiner.
·
er voor de handelende
mensen in Zwitserland meer handelingsvrijheid bestond en bestaat, het politieke
stelsel vaker en voor actieve burgers toegankelijk is. De civiele maatschappij
wordt tegenover de staat en de autoriteiten versterkt. Daardoor hebben kleinere
groeperingen, zoals bijvoorbeeld de ecologische boerenbond de kans om gehoord
te worden.
·
belangengroepen
en verenigingen vroegtijdig bij het wetgevingsproces betrokken raken om een wetsvoorstel
“referendumklaar” te maken. Daardoor wordt Directe democratie een uiterst geschikt
instrument om compromissen te bewerkstelligen.
·
Structuur, functie
en profiel van de regering evenals de partijen veranderd zijn.
Bezwaren tegen de Directe
democratie
Velen menen in Zwitserland de zogenaamde “conservatieve effecten” van
de Directe democratie in het algemeen en de politieke benadeling van vrouwen in het bijzonder te kunnen bespeuren en met
zulke verwijzingen de Directe democratie in de dubbele betekenis als afgedaan
op de vuilnisbelt van de geschiedenis te kunnen gooien. Zij worden daarbij de
dupe van twee fundamentele politieke dwalingen: de Directe democratie is immers
in z’n geheel en over een langere periode gezien een politieke waarde op zichzelf en moet volgens mij ook dan
verdedigd worden als zij niet altijd direct en op korte termijn de concrete resultaten
oplevert die met de eigen politieke overtuigingen sporen. Bovendien functioneert
de Directe democratie als een spiegel
van de maatschappij. De Directe democratie is niet de oorzaak van de eigenaardigheden
van de samenleving. Met en dankzij haar laten deze zich veel beter herkennen (en
veranderen). En zoals de spiegel niet voor het gezicht, dat erin herkenbaar wordt,
verantwoordelijk gehouden kan worden, heeft de Zwitserse samenleving zich in de
20e eeuw niet dankzij, maar ondanks de
Directe democratie zo en niet anders ontwikkeld.
De veelvuldig beklaagde vertraging van
beslissingen door de Directe democratie heeft ook voordelen. Als we ons realiseren
dat tegenwoordig veel politieke vooruitgang nog slechts mogelijk is, wanneer mensen
anders leren denken en zich collectief en individueel anders te gedragen, komt
de Directe democratie structureel overeen met deze pretenties en is ondanks de
vertraging zelfs efficiënter: een snelle beslissing die nauwelijks uitgevoerd
wordt, is minder efficiënt als een die meer tijd vergt, maar waaraan meer mensen
deelnemen en die daarom ook bereid en in staat zijn dit besluit uit te voeren.
Traagheid is geen bezwaar tegen, maar een voorwaarde voor
de democratie in het algemeen en moet de snellere economie afgedwongen worden.
“De ontdekking van de traagheid” (O. Jung) zal bij een meer direct-democratische
praxis ook in Duitsland plaatsvinden.
Prestaties van de Directe
democratie
De
volgende prestaties van de Directe democratie zijn in Zwitserland te constateren.
Zij worden in Duitsland veelvuldig miskent:
1.
De heersende
staatsmacht kan in Zwitserland door actieve burgers uitgedaagd worden om haar
politiek openlijk te rechtvaardigen en in te gaan op alternatieven. Het verkrijgen
van legitimatie betekent daarbij een communicatieve inspanning in de openbaarheid
voor uitdager en uitgedaagde die allen en de zaak ten goede komt.
2.
Deze legitimatieproef
kan op elk tijdstip en over elk thema altijd door actieve burgers opgeëist worden.
Deze vindt plaats via een verzoek van weinigen aan allen en via de, door een bepaald
aantal mensen gesteunde, eis om het besluit zelf te nemen. De geschiedenis van
de Directe democratie in Zwitserland laat zich dus lezen als honderdvoudige
uitnodiging tot overredingsarbeid en discussie over de legitimatie van een nieuwe,
ofwel ontlegitimatie van een oude politiek op een bepaald gebied. Het behoort
tot de bijzonderheden en prestaties van de Directe democratie dat niemand in Zwitserland
zich aan deze uitdaging kan onttrekken. In deze zin geeft macht in een Directe
democratie niemand het dubieuze voorrecht niet te hoeven luisteren of leren.
3.
Direct-democratische
discussies bevorderen het maatschappelijke, collectieve leren en de individuele
evenals de collectieve sociale uitdrukkings- en handelingsvaardigheden.
4.
Deze discussies
confronteren de deelnemers veelvuldig met de sociale problemen buiten hun eigen
leefwereld en verbreden zo de ervaringshorizon en visies.
5.
De Directe democratie
leeft van het individuele en collectieve uitdrukkingsvermogen. Ze bevordert dat
tevens in de mate waarin de individuele en collectieve sprakeloosheid overwonnen
wordt. Hoe vaker en hoe toegankelijker de openbaarheid georganiseerd wordt, hoe
groter de democratisch potentieel wordt.
6.
Een prestatie
van de Directe democratie bestaat daarin dat daardoor alle mensen beter geïnformeerd
(moeten) worden. Machthebbers moeten burgers erbij betrekken en kunnen hen minder
negeren.
7.
de Directe democratie
is moderner dan de indirecte democratie, want zij is gedifferentieerder en participatiever.
Zij vat de mensen meer op als subject en minder als object van de democratie en
maakt zo meer vrijheid mogelijk.
8.
De Directe democratie
is een van de wezenlijke integratie- en identificatiefactoren van de verschillende
culturen en regio’s in Zwitserland.
9.
De Directe democratie
draagt ertoe bij crises en conflictrisico’s te verminderen. Daaronder valt de
crisis van de vervreemding van partijen en politici (in Duitsland onder de naam
ontstemdheid over politici en partijen
– Politiker-/Parteienverdrossenheit
- bekend), maar ook de beperking van geweldsbereidheid en -potentieel.
Conclusie en perspectief
De
direct-democratische rechten zijn in Zwitserland zeer populair. Zij vormen de
basis van een politieke cultuur met een pretentieus democratie- en politiekopvatting
dat niet alleen aan de interpretatie van Zwitserland bijdraagt, maar ook aan de
Zwitsers een onmiskenbare politieke identiteit verleent. Hoe modern, toekomstgericht
en aantrekkelijk de Directe democratie ook is voor vele Europeanen en voor de
integratie van Europa en de democratisering van de EU is, zullen vele Zwitsers
in de komende jaren merken.
Het
positieve toekomstpotentieel van de Directe democratie, ook vanuit een Europees
perspectief, wordt evenwel voor een deel tot op heden over het hoofd gezien in
Zwitserland. Dat ligt waarschijnlijk aan het feit dat de Directe democratie die
een oppositionele geschiedenis en basis heeft, lange tijd door het heersende wetenschapsbedrijf
met scepsis onthaald en beoordeeld werd en een theorie van de Directe democratie
eigenlijk ontbreekt. De betrokkenheid bij en het succes van de Directe Democratie
in vele democratische kringen in Europa en ook in Duitsland zullen
er echter toe bijdragen de Zwitsers de ogen te openen, hen bij de beoordeling
van hun verworvenheden te helpen en hen aan te moedigen binnen Zwitserland en
Europa de Directe democratie verder te ontwikkelen en te verdiepen. Ter versterking
van de democratie en vanuit bezorgdheid dat vrijheid in de 21e eeuw
niet tot vrijheid van de bevoorrechten ontaardt.
| Overzicht van de regelingen in Zwitserland |
|
|
|
|
|
Er zijn 3 stemmingsdagen
per jaar waarop over voorstellen op alle drie politieke niveaus (gemeentelijk,
kantonaal en federaal) besloten kan worden. Op het niveau van de federatie
kent men: |
|
Bindend referendum over de grondwet
(sinds 1848) |
|
Iedere verandering van de grondwet moet door het volk bekrachtigd worden
Dit geldt ook voor bepaalde volkenrechtelijke verdragen. (sinds 1921 resp. 1977) |
|
|
|
Raadgevend referendum over wetten
(sinds 1874) |
|
50.000 burgers (ca. 1,1% van de kiesgerechtigden) kunnen een volksbesluit
over een door het parlement aangenomen wet aanvragen; de tijd om de benodigde
handtekeningen te verzamelen is 100 dagen. |
| |
| Volksinitiatief (sinds 1891) |
| 100.000 burgers (ca. 2,2% van de kiesgerechtigden) kunnen een verandering
of opheffing van een bepaald wetsartikel uit de federale grondwet aanvragen. (daarom
ook grondwetsinitiatief genoemd) De
tijd om handtekeningen te verzamelen bedraagt 18 maanden. Een alternatief voorstel
door het parlement is mogelijk. |
| |
|
Voor een succesvol
referendum is een meerderheid van de stemmers en bij herzieningen van de grondwet
een meerderheid van de kantons (het zogenaamde Standemehr) vereist. Er gelden geen opkomst- en ja-stemmerspercentages. |
|
|
|
Voor een stemming worden
de voorstellen met voor- en tegenargumenten in een stemboekje opgenomen en aan
alle huishoudens toegezonden. |
| |
|
Op kantonaal en gemeentelijk
niveau zijn de volksrechten nog sterker uitgebouwd. Zo zijn bijvoorbeeld stemmingen
over uitgaven die een bepaald bedrag overschrijden in meer dan de helft der kantons
bindend. (algemeen financieel referendum).
Ook bestaan er bijna overal Wetsinitiatieven. |
Om verder te lezen
Aubert, Jean-Francois: Die Schweizerische Bundesversammlung von 1848 bis 1998, Basel/Frankfurt
a. M., 1998
Auer, Andreas: (red.) ‘Le référendum constitutionel’
in: Die Ursprünge der schweizerischen Direkten
Demokratie, Basel/Frankfurt
a. M. 1996, pp. 78-101
Gross, Andreas: Die Direkte Demokratie als Chance und Prozess. Die verkannten Seiten einer
radikalen Errungenschaft, Zürich, in voorbereiding
Klöti, Ulrich & Knöpfel, Peter e.a. (red.): Handbuch der Schweizer Politik, Zürich, 1999
Kölz, Alfred: Neuere
schweizerische Verfassungsgeschichte, Bern, 1992
Kriesi, Hanspeter: ‘Direkte Demokratie in der Schweiz’
in: Aus Politik und Zeitgeschichte B
23/91, pp. 44-54
Linder, Wolf: Schweizerische Demokratie. Institutionen - Prozesse - Perspektiven,
Bern enz., 1999
Möckli, Silvano: Direkte Demokratie. Ein Vergleich der Einrichtungen und Verfahren in der
Schweiz und Kalifornien, unter Berücksichti-
gung von Frankreich, ltalien,
Dänemark, lrland, Österreich, Liechtenstein und Australien, (St. Galier Studien
zur Politikwissenschaft Bd. 16), Bern enz., 1994
Papadopoulos, Yannis: Démocratie directe, Paris, 1998
Noot
[1] De 3 niveaus van de staat: gemeenten,
kantons en federatie geven elk ongeveer een derde van het geïnde belastinggelden
uit, wat uniek in de wereld is. Tussen de federalistische staatsstructuur en haar
Directe democratie - inclusief de veelheid van de zich in haar steeds naar de
wisselende omstandigheden eenvoudiger, soms problematisch treffende culturele,
religieuze en taalgroepen - bestaat dan ook historisch en actueel een nauwe samenhang,
die niet mag worden onderschat.